´t Olde Karspel 2018 – 4

In dit nummer – het vierde van de jaargang 21 – vervolgt Jan Bolling het verhaal over Huize Voorwijk rond 1900, nu ongeveer een eeuw geleden. Hij heeft dat kunnen schrijven dankzij een hem aangereikte beschouwing van een oom van de huidige bewoner, de heer G.W. baron de Vos van Steenwijk. In die beschouwing haalt de oom van de baron herinneringen op aan zomers die hij als kind op Voorwijk heeft doorgebracht.

Aaltienus Buiter laat zijn licht schijnen over de buurtschap Schoonvelde, aan de weg tussen de Wijk en Koekange. Het is opvallend hoezeer de familienaam Schoonvelde daar is geworteld.

Enno de Boer heeft zijn kennersoog deze keer gericht op een van de manieren waarop men in onze streken probeerde bij de tijd te blijven:  het ontstaan en de ontwikkeling van het zakhorloge doet hij voor u uit de doeken.

En dan de bijdrage die Albert Veld deze keer heeft geleverd. Het is een uitvoerige terugblik op wat hij in de afgelopen jaren allemaal voor ons blad heeft geproduceerd. Helaas is zijn verhaal de verpakking van een vervelende aankondiging: Albert stopt met zijn werk voor ons blad. Heel spijtig, we gaan zijn bijdragen missen, maar danken hem zeer voor wat hij voor ons heeft betekend.  Alberts vertrek houdt wel in dat de redactie erg klein wordt en dat we dus graag zien dat nieuwe medewerkers zich aanmelden. U weet de weg: de contactnummers en –adressen vindt u voor in ons blad!

Tenslotte:  er is al bijna wéér een jaar voorbij. Wij van de redactie wensen u prettige Kerstdagen en een fijne jaarwisseling.

Louis Timans.

´t Olde Karspel 2018 – 3

 

Uit het verschijnen van dit zomernummer kunt u concluderen dat uw redacteuren zich niet hebben laten afschrikken door de hardnekkige droogte en hitte van dit memorabele jaar 2018.
Dankzij een geschriftje dat hem door de huidige bewoner van Huize Voorwijk ter beschikking werd gesteld, is Jan Bolling in staat geweest om u een indruk te geven in het leven van de kinderen De Vos van Steenwijk op Voorwijk in de eerste decennia van de vorige eeuw. Er valt het nodige te lachen, en te leren.
Albert Veld vervolgt en besluit zijn verhaal over het domineesgezin van der Linde in en rond de pastorie van IJhorst en heeft daarbij rijkelijk mogen putten uit de herinneringen van de drie kinderen, die er allemaal een fijne jeugd zeggen te hebben gehad. Hoe kan het ook anders, op die plek en met zulke ouders, zo dacht ik na lezing van de verhalen. Aaltienus Buiter heeft zich  verdiept in de geschiedenis van het gehucht Struikberg en met name in die van de herberg waar in vroeger tijden de postkoets tussen Zwolle en Groningen van paarden wisselde.  Jammer dat daar in het veld niets meer aan herinnert. Ten slotte wordt u door Enno de Boer ingevoerd in de geheimen van antieke sieraden en gebruiksvoorwerpen die gemaakt zijn van de huid en/of het skelet van de rog (de vis, wel te verstaan) en de schildpad. Verwonderlijk dat daarvan zo iets moois valt te maken.
Ik wens U veel plezier bij het lezen.

Louis Timans.

´t Olde Karspel 2018 – 2

 

Bij het aanbreken van de zomer verschijnt traditiegetrouw een nieuw nummer van uw lijfblad.  Dit jaar is het, met no. 2 van de jaargang 21, gelukkig niet anders.
De serie artikelen wordt – ook traditiegetrouw – geopend door Jan Bolling. Hij heeft zich gestort op de geschiedenis van de woningen op de percelen aan de  Dorpsstraat in de Wijk die, na het Veenhovenplein, zo ongeveer de entree van het dorp vormen. De namen Boverhof en de Roo komen onder de bewoners het meest voor.
In Koekange kent menigeen de naam Hielken. Dat mag geen verbazing wekken wanneer u kennis hebt genomen van het verhaal over deze familie die op technisch en muzikaal gebied in het dorp heel wat reuring heeft gebracht.
Albert Veld heeft deze keer niet zozeer zelf de pen gehanteerd alswel gefundeerd als doorgever van een verhaal van anderen.  Dochter Berteke en haar broers Henk en Hans van wijlen dominee van der Linde hebben ons via hem het eerste deel van hun herinneringen aan hun ouders bezorgd, waarin de periode dat hij in IJhorst-de Wijk stond, een belangrijke plaats inneemt.
Tenslotte is het ons een groot genoegen u de bijdrage aan te bieden van een nieuwe auteur, eigenlijk moet ik zeggen: auteurs duo. Het betreft het echtpaar (Rudolf) Bosch-(Jennifer) Meyer. Zij bewonen het voormalige doktershuis van Koekange, dat een markant element vormt in de bebouwing van het dorp. Zij hebben de historie van de bouw – en de opdrachtgevers – uitgeplozen en het  verslag daarvan beschikbaar gesteld aan de lezers van ´t Olde Karspel.
Ik wens U veel leesplezier, en een goede zomer.

Louis Timans.

t Olde Karspel 2018 – 1

We zijn weer blij u een nieuw nummer te kunnen aanbieden, het eerste van jaargang 21. In termen van vroeger kunnen we zeggen dat we nu echt de – wettelijke – volwassenheid hebben bereikt !
Zoals altijd opent Jan Bolling de rij van bijdragen. Hij heeft zich met kennelijk plezier verdiept in oude en vaak vergeten plaats benamingen in de Wijk en vertelt u over de oorsprong ervan.
Aaltienus Buiter is  gedoken in een arbeidsconflict dat zich voordeed in Koekange binnen de agrarische sector in de jaren veertig van de vorige eeuw. Arbitrage leidde tot een regeling die kan  worden gezien als een CAO  “avant la lettre”
Albert Veld vertelt het achtergrondverhaal van Hennie Frans, een schoolvriendin die een vader had die de zeeën bevoer en wiens leven bij hem de nodige fantasieën opriep.
Enno de Boer tenslotte weidt uit over de zilveren Meppeler beugeltassen die sinds de achttiende eeuw door de dames bij bijzondere gelegenheden werden gedragen.

Ik weet wel zeker dat u zich aangenaam zult verpozen bij het lezen van deze verhalen.

Louis Timans.

t Olde Karspel 2017 – 4

De redactie van uw lijfblad is blij u het nieuwe nummer, het laatste van de 20e jaargang, aan te kunnen bieden.
U kunt uw hart ophalen aan interessante bijdragen.
Jan Bolling opent met het slot van zijn uitvoerige relaas over de huizen en bewoners van het vroegere Pad, dat al weer heel lang Prof. Blinkweg heet.
Tussen de zuidzijde van de Dorpsstraat en de erachter liggende Prof. Blinkweg bestaat historisch gezien een hechte relatie, aangezien de bebouwing van de Prof. Blinkweg eigenlijk in de tuinen (de “gorens”) van de huizen (destijds boerderijen) aan de Dorpsstraat heeft plaatsgevonden.
Opmerkelijk is dat Jan in zijn verhaal de families Scholten en Eshuis slechts summier aanstipt en dat in het erop volgende artikel Aaltienus Buiter op dezelfde families uitvoerig onderzoek blijkt te hebben uitgevoerd. Het levert veel interessante details op over de toenmalige slagerij Eshuis in Koekange.
Van het een komt het ander. Zo blijkt uit de bijdrage van Werner ten Kate. Van een inscriptie op een avondmaalsbeker waarover Enno de Boer in een vorig nummer schreef, ontrafelt hij de betekenis.
Voorts brengt Albert Veld in een nieuw verhaal over onze lokale sporthelden een ode aan schaatser Roelof Bakker uit IJhorst, die in zijn gloriejaren landelijk met de besten meekon op de lange baan.
Ik wens u weer veel leesplezier.
Wanneer het volgende nummer uitkomt, zullen de Kerstdagen en Oud en Nieuw al achter de rug zijn. Reden voor mij om u nu reeds toe te wensen dat het gezellige dagen worden.

Louis Timans.

 

t Olde Karspel 2017 – 3

Aan dit nummer van uw lijfblad kunt u weer een paar aardige uurtjes beleven. Zoals gebruikelijk is de eerste bijdrage van Jan Bolling. Hij vervolgt zijn ronde door de Wijker Dorpsstraat met het laatste huis rechts voordat je richting Meppel het dorp verlaat. Het staat vlak aan de weg tegenover Huize Voorwijk en heeft altijd tot Voorwijk behoord. Het was het huis van de tuinman-concierge, waaraan de namen Klein en Reiber verbonden zijn.

In ons gebied hebben we een verdwenen buurtschap, Ossesluis. Gelukkig vond Aaltienus Buiter het tijd worden om de teloorgang daarvan in herinnering te brengen. De buurtschap is ten offer gevallen aan de moderniteit:  de vernieuwde Hoogeveense Vaart – met sluis – en de autosnelweg A28.

Een tiental jaren lang, van 1949 tot 1959, heeft er in de Wijk een padvindersgroep bestaan. De eerste tijd kwamen ze bijeen in de boerderij op Dickninge. Dat was niet toevallig, want de eerste hopman werkte in het jongensinternaat dat daar destijds gevestigd was. Geert Strick stond hem al jong bij en vertelt van die tien mooie jongensjaren.
U wens ik als steeds veel plezier bij het lezen.
Louis Timans.

’t Olde Karspel 2017 – 2

Op het moment dat ik dit schrijf is het moeilijk voor te stellen dat ik bezig ben met het voorwoord van een lentenummer (nummer 2 van jaargang 20). We zitten in de laatste week van april, maar de thermometer haalt nauwelijks de 10 graden en soms valt er een (hagel)bui.
Gelukkig heb ik mij wat kunnen verwarmen aan nieuwe verhalen over mensen en dingen van vroeger uit onze regio.
Jan Bolling vervolgt zijn serie over het voormalige Pad, later Nieuwe Weg, nu Prof. Blinkweg. Hij richt in het bijzonder de aandacht op de slagerij die daar vroeger was gevestigd , van familie Stapel, en die uiteindelijk niet kon voortbestaan door tragische ontwikkelingen in de familie.
Geheel anders van inhoud en toon is de bijdrage van Aaltienus Buiter. Hij belicht de opkomst, de bloei en de neergang van de sociëteit “Elck wat wils”, die bijna driekwart eeuw lang mede kleur heeft gegeven aan de gemeenschap van Koekange.
En dan Albert Veld. Met hartstocht was hij vroeger betrokken bij het wel en wee van het Wijker sportleven. Kwam hij in het vorige nummer met zijn ijspretverhaal tot aan de openingswedstrijden op de nieuwe baan van Dickninge, nu informeert hij u uitvoerig over de periode tot heden.
Bij al dit moois serveert Enno de Boer de koffie. Hij doet dat uit een antieke kraantjespot, zoals die in menig huishouden in onze dorpen nog wel aanwezig zal zijn, als erfstuk van opa en oma.
Geniet ervan !

Louis Timans.

t Olde Karspel 2017 – 1

Voor dit nummer, het eerste van alweer de 20e jaargang, hebben onze vaste medewerkers zich weer volledig ingezet.

Jan Bolling beschrijft de totstandkoming van een straat in de Wijk die veel lezers onbekend zal zijn: ’t Pad. Deze naam vindt u niet (meer) in het stratenregister. Hij is namelijk maar liefst twee keer omgedoopt, eerst in Nieuwe Weg en later in Prof. Blinkweg, de huidige naam.

Aaltienus Buiter is op bezoek gegaan bij de oudste inwoner van zijn woonplaats Koekange, Grietje Brinkman-Holties, intussen 97 jaar. Ze weet zich veel te herinneren uit het verleden van haar dorp en met name van de rol die haar familie Holties daarin heeft gespeeld.

Ik acht het een gelukkig toeval dat juist in deze winterse dagen (het is eind januari dat ik dit schrijf) Albert Veld voor mij de grote dagen laat herleven van het begin van de jaren 60, toen er van de pas tot stand gekomen ijsbaan in de Wijk vol enthousiasme gebruik werd gemaakt, zowel door dorpsgenoten als mensen van elders;  zelfs toppers kwamen er op af.

Het zilveren beslag van een 18e -eeuwse bijbel die hij onder ogen kreeg op een “kiekiesdag” in Koekange, bracht Enno de Boer op het spoor van een  Meppeler Familie van zilversmeden, de Boomsma’s. Altijd interessant waar zijn speurwerk toe leidt!

Ik wens u, ook nu weer, veel genoegen bij het lezen van al deze bijdragen.

Louis Timans

 

t Olde Karspel 2016 – 04

voorblad-olde-karpsel-2016-04

Voor dit nummer van uw lijfblad (nummer 4 van jaargang 19) hebben  onze vaste medewerkers weer hun beste beentje voorgezet.

Jan Bolling opent de rij met een beschouwing over een pand aan de Prof. Blinkweg dat het veld heeft moeten ruimen bij de aanleg van de straat waar hij nu woont. Het is verbonden met de historie van de IJhorster families van Bezoen en Vos, en met de later naar Kerkenveld vertrokken familie Muller.  Jan heeft weer heel wat uit de doeken gehaald.

Daarnaast levert Jan nog een bijdrage over meester Ebbinge, die o.m. een aantal jaren in de Wijk heeft lesgegeven.

 

De kerk van Koekange is liefst twee keer onderwerp van een beschouwing.

Enerzijds doet Aaltienus Buiter uitvoerig uit de doeken hoe de financiering van het kerkelijk leven in de loop der eeuwen aan de veranderingen in de samenleving moest worden aangepast.  Anderzijds blijft de Avondmaalsbeker uit die kerk Enno de Boer intrigeren. Hij komt er nog een keer op terug en concludeert dat Koekange wel een heel bijzonder exemplaar in bezit heeft.

Albert Veld herinnert zich met warmte de tijd dat hij met zijn vader het veld in mocht. Vader was een hartstochtelijk jager van de Koekanger jagersvereniging “Nimrod”.  Hij staat uitvoerig stil bij de wijze waarop in ons land in de loop der tijd de bepalingen omtrent het jagen zijn geëvolueerd.

Als ik dit schrijf is het de laatste dag van oktober. Ik realiseer me dat we de volgende keer een jaar verder zullen zijn. Alle reden dus om u goede Kerstdagen te wensen en een goed begin van het nieuwe jaar !

 

Louis Timans.

 

’t Olde Karspel 2016 – 03

olde-karspel-2016-3-voorblad

Het derde nummer van de 19e jaargang – het zomernummer van 2016 – ligt voor u.
Neem rustig de tijd om het te lezen; op het moment dat ik dit schrijf, half augustus, is het toch geen weer voor zomerse buitenactiviteiten; het lijkt wel herfst !

Het valt niet te ontkennen dat in onze wereld het geld een belangrijke rol speelt. Zo zie je in ieder dorp wel een of meer aanduidingen van een financiële instelling, al betekent dat sinds kort niet meer dat je er ook mensen aantreft die je kunnen helpen: meestal zijn het automaten die de klant bedienen. Jan Bolling beschrijft hoe de financiële dienstverlening in De Wijk gestalte kreeg en zich ontwikkelde. Het initiatief werd lang geleden genomen door de Maatschappij tot Nut van het Algemeen, die zich ook “nuttig” maakte door de oprichting en instandhouding van de bibliotheek.
Jan zou Jan niet zijn als hij zich niet ook had verdiept in wat er zich vóór die tijd op de plekken van die gebouwen bevond en de mensen die er geleefd hebben.

Aaltienus Buiter is gedoken in een vraag die hem als Koekanger intrigeerde: hoe komt het dat er in ons dorp mensen rondliepen die Drost heetten en andere die Sol heetten, en toch broer en/of zus van elkaar waren ?  Natuurlijk heb ik het niet over vrouwen die door hun huwelijk de naam van hun man hadden aangenomen; die verklaring zou te eenvoudig zijn.

Albert Veld rond zijn verhaal af over zijn oud-dorpsgenote Didy Boverhof, die in 1986 naar Canada emigreerde om zich bij haar Gerrit te voegen, met wie ze samen met hun vier zonen een prachtig landbouwbedrijf heeft opgebouwd.  Diverse jongeren van hier hebben inmiddels van hun gastvrijheid gebruik mogen maken om kennis te maken met de grootschalige landbouw aldaar.

Zoals gebruikelijk sluit Enno de Boer de rij met een bijdrage over antiek in onze streek.  Deze keer betreft het niet een antiek voorwerp, maar iets groters, namelijk de preekstoel in de kerk van Koekange, gemaakt door een vrijgezelle dominee die ook verdienstelijk meubelmaker was.

Onnodig om te zeggen dat ik u een prettig tijd toewens bij het lezen van al dit moois en – als het even kan – ook wat aangenamer zomerweer !

Louis Timans.

site by Bizzy Bee